Bella Italia

De autorit naar Val di Sole staat in het teken van drukte en files, daarom besluiten Harry en ik om de eerste mogelijkheid te nemen om via secundaire wegen te rijden. Meestal zijn deze bergweggetjes niet sneller dan de snelweg maar na al dat file gedoe zeker een heel stuk leuker. Het laatste gedeelte rijden we over de Passo Tonale en ben ik al aan het wegdromen over de mooie training die ik hier morgen kan uitvoeren. Laat op de middag arriveren Harry en ik bij Hotel Bella di Bosco en kunnen we voor het avondeten nog eventjes de beentjes lostrappelen. De dag sluiten we dan af met flink veel pasta, salade en een Italiaanse koffie.


De volgende morgen zit ik lekker uitgerust bij het ontbijt en is het gezellig babbelen met de jongens van het Rabobank Offroad team, die ook in dit hotel zitten. De Flash heeft een kleine poetsbeurt nodig en dan is het tijd voor de superrit naar de top van de Passo Tonale. Halfweg krijg ik enkele jongens van het Rabo team in het visier en deze werken als een rode lap. Het laatste deel rijd ik gezellig babbelend met Jelmer Jubbega naar boven en zien we dat het weer gaat betrekken. We besteden vanwege de kou niet veel aandacht aan het mooie uitzicht op de top en we volgen Adam Craig, die een mooie offroad afdaling weet terug. Na enkele bochten ben ik de jongens al kwijt, damn... wat gaan die snel! Gelukkig wachten ze zo af en toe en heb ik veel plezier op de leuke paden die we tegenkomen. Net op tijd ben ik terug voor het middageten, dat ook door het hotel verzorgd wordt. De rest van de dag hoef ik niks anders meer te doen dan lezen, slapen, eten en dit gaat mij prima af!


Woensdag staat in het teken van een uitgebreide parcoursverkenning. De ronde is loeizwaar door de korte steile klimmen, die elkaar snel opvolgen. De afdalingen zijn niet lastig, maar wel erg leuk door de stenen en bochten, die het parcours een speels karakter geven. In de eerste relatief lange afdaling zitten een paar stenen en een haaks bochtje weer omhoog, die ik niet goed onder de knie krijg. Na een paar keer proberen en kijken naar andere rijders besluit ik dat het voor mij sneller is om even af te stappen en een stukje te rennen. Uiteindelijk hoor en zie ik dat de meeste dames deze beslissing nemen. Tijdens het verkennen is mijn fiets een klein beetje aan het piepen en ik kan niet goed plaatsen waar het vandaan komt. Na even twijfelen, trek ik toch de stoute schoenen aan en loop ik naar de tent van het Cannondale Factory Racing Team. Aan een Duitse mechanieker vraag ik of hij heel misschien een klein beetje tijd heeft om naar mijn fiets te kijken en zonder te twijfelen zegt hij: "Ja hoor, zet maar neer, dan kijk ik er naar en kun je hem vanmiddag weer ophalen." Wauw, dat gaat makkelijker dan ik verwacht had. Met Harry kan ik mee terugrijden naar het hotel, waar de lunch al weer voor ons klaarstaat.
Later op de middag ga ik weer terug naar de expo area en daar staat mijn kleine racemonster te blinken tussen de andere mooie Cannondales van de Factory Racing mannen. Achteraf heb ik er spijt van dat ik hier niet even een foto van heb gemaakt, want mijn fiets verkeerde toch wel in erg goed gezelschap! Na het ophalen van mijn bike is het tijd voor de inschrijving en kan ik als eerste XC rijder aansluiten achter alle stoere downhillers. De UCI commissaris is dezelfde als vorige week en hij is gelukkig weer tot rust gekomen na alle chaos van de feedzone passen in Champery. Hier heeft hij echter weer andere problemen aan zijn hoofd, want de Italianen zijn een beetje traag met het uitgeven van de startnummers. Vandaar dat de downhillers nog in de rij stonden, want hun startnummers waren in eerste instantie onvindbaar. Gelukkig komt uiteindelijk alles goed en is alles geregeld voor de race van zaterdag. Het avondeten is vandaag in stijl van de streek en we mogen allerlei specialiteiten van de kok proberen. Vooral de kruimelige appeltaart als toetje is erg goed.


Donderdag merk ik dat de drie rondjes verkennen van gisteren wel in de benen gaan zitten. Ik besluit om even lekker los te rijden naar het parcours, 1 ronde  te rijden en dan weer rustig terug te gaan. Op het rondje kom ik Anne en Rien tegen en kan ik nog een paar mooie lijnen afkijken op de stukken afdalen. Halverwege het rondje begint het te regenen en besluiten we gauw de verkenning af te maken en een warmer onderkomen te zoeken in onze eigen hotels. De rest van de dag kan ik mij dan weer bezighouden met eten, relaxen en lezen. De jongens van het Rabo team hangen ook een beetje rond het hotel en iedereen is blij als de regen voorbij is, want dan kan er lekker op het terras gezeten worden. Een boek lezen op het terras gaat mij een stuk beter af dan de binnenkant van de hotelkamer van onder tot boven bestuderen. Op het terras duik ik helemaal in de spannende magie verhalen van mijn boek en aan het begin van de avond komen Ingrid en Johan bij het hotel aan. Met Ingrid is het even gezellig bijkletsen en zij is benieuwd naar het wedstrijdrondje, omdat het al weer een tijdje geleden is dat ze een wereldbeker heeft gereden.


Vrijdagmorgen vertrekken Ingrid en ik om tien uur naar het parcours om ons voor te bereiden op de wedstrijd van de dag erna. Ingrid rijdt lekker rond en geniet van de mooie sfeer die altijd bij zo'n wereldbeker hoort. De ronde is door de regen een klein beetje veranderd, maar de aanpassingen die nodig zijn in de rijstijl zijn heel minimaal. Eigenlijk heeft de regen het rondje juist goed gedaan, omdat het de dagen ervoor op sommige plekken wel erg mul en stoffig was. Ingrid maakt een klein schuivertje op het parcours en ik maak een schakelfoutje, maar het kan onze pret niet drukken en we zijn klaar voor de wedstrijd van zaterdag! Rustig rijden we terug naar het hotel om te douchen en een goed bord pasta te eten. Op de middag is er dan voldoende tijd om de fiets schoon te maken en te checken of alles in orde is. Alle kraakjes zijn uit de fiets en na een beetje sop en water ziet de Flash er ook weer beeldschoon uit. De fiets is er dus helemaal klaar voor. Na een goede avondmaaltijd en een kop thee ben ik ook klaar voor de wedstrijd, alleen nog even een paar uurtjes slapen.


Zaterdag schijnt de zon volop en ben ik voor de wekker al wakker, klaar om te knallen! Het voorbereiden verloopt allemaal prima en tijdens het warmrijden valt het mij al op dat er veel Nederlanders aanwezig zijn om de wedstrijd te aanschouwen. Ondanks dat de zon volop schijnt is het nog niet heel warm, dit is ook wel te verklaren omdat Val di Sole rond de 1000 meter ligt en het dus wat koeler aanvoelt. In het startvak hangt een ontspannen sfeer en ik merk dat ik me ook totaal niet druk maak om de start. Deze zal snel en lastig zijn, maar ik zie wel wat er gebeurt, het doel is om zo min mogelijk plekken te verliezen. Precies op tijd valt het startschot en schieten we over de brede startstrook naar de achterkant van het parcours. De start verloopt zoals verwacht zeer chaotisch en dames schieten van links naar rechts om een goede positie te verkrijgen. Bij twee bochten zit ik gelukkig aan de goede kant en kan ik net twee valpartijen ontwijken. In mijn ooghoeken zie ik nog een Finse dame precies op een paaltje vallen, auw dat is niet fijn. Gelukkig is de startlus erg kort en kunnen we het parcours opduiken, waar gauw een structuur gevormd wordt. Ik heb in de startlus geen plaatsen verloren ten opzichte van mijn startpositie en kan nu proberen naar voren te gaan rijden. In de eerste ronde heb ik op twee klimmen nog last van opstoppingen en moet ik lopen, maar daarna krijg ik de ruimte om wat op te schuiven. Iedere ronde voelt het beter en win ik weer een paar plaatsen. Bij het ingaan van de laatste ronde hoor ik dat ik rond de 60ste plek lig, nog even het gas erop, want een top60 notering zou toch wel super zijn! Dat beetje gas geven moet ik na een kilometer even bezuren in de vorm van lichte buikkrampen, dus besluit ik niet teveel risico te nemen op het snelle stuk van het parcours. Na de eerste klim krijg ik een paar dames in het vizier en vergeet ik de buikkramp en geef ik weer gas. Helaas ga ik hierdoor de eerste lange stenen afdaling met iets teveel enthousiasme in en maak ik een duikeltje over het stuur. Nou, nu even het koppie erbij houden en vastbijten in de dames voor me. Ik weet er halverwege het parcours eentje in te halen, maar helaas weet een andere dame mij net na de verzorging ook in te halen. Op de laatste twee klimmen probeer ik nog bij drie dames te komen die heel dicht voor mij zitten, waaronder de dame die mij in de verzorging inhaalde. Helaas weet ik ze net niet meer te pakken en finishen we op enkele secondes van elkaar. Uiteindelijk weet ik de 61ste plek te behalen, net geen top60 notering, maar desondanks ben ik erg tevreden met het resultaat. De buikkrampen maken het mij lastig om na de wedstrijd te praten en te drinken, maar gelukkig zakt het snel weg.

Na een verfrissende douche en een paar boterhammen kan ik samen met Ingrid genieten in het zonnetje van de herenwedstrijd. Na een geslaagde wereldbeker gaat de focus nu naar Duitsland, waar ik volgend weekend het WK Marathon zal rijden in Sankt Wendel. Vanuit het mooie Italie word ik door Harry op zondag meteen afgezet in Duitsland, zodat ik het 107,9 kilometer lange parcours nog helemaal kan verkennen in de dagen voor het WK. 

Terug naar nieuwsoverzicht